Welke informatie mag ik delen met de bedrijfsarts?
“De bedrijfsarts van mijn cliënt vroeg telefonisch om informatie. Daarna ontving ik via de e-mail een aantal vragen. Welke informatie mag ik wel en welke mag ik niet delen met de bedrijfsarts?”
Wanneer een werknemer zich ziekmeldt, treedt de Wet Verbetering Poortwachter in werking met als doel het verzuim van de werknemers goed te begeleiden. Zo moet in week 8 de bedrijfsarts of arbodienst een Probleemanalyse schrijven en een Plan van aanpak. Wanneer bekend is dat de werknemer in behandeling is bij een psychotherapeut, kan de bedrijfsarts besluiten om informatie op te vragen.
Rol bedrijfsarts en rol psychotherapeut
De bedrijfsarts is de deskundigen op het gebied van arbeid en gezondheid en verantwoordelijk voor verzuimbegeleiding en re-integratie. De bedrijfsarts kan medische gegevens opvragen bij behandelaren wanneer dit nodig is voor de verzuimbegeleiding. De bedrijfsarts heeft een beroepsgeheim en mag niet alles delen met de werkgever. De werkgever heeft geen recht op medische gegevens.
De cliënt, de zieke medewerker, moet uitdrukkelijke toestemming geven voor het delen van medische informatie. De psychotherapeut maakt vervolgens een eigen afweging wat wel of niet gedeeld wordt met de bedrijfsarts, rekening houdend met de eigen beroepscode en de professionele inschatting of informatieverstrekking bijdraagt aan goede zorgverlening. Wanneer de cliënt erop staat dat de psychotherapeut meer informatie deelt dan de psychotherapeut wil, is het goed om aan de cliënt duidelijk te maken wat de impact kan zijn van de informatieverstrekking. De KNMG en het NIP hebben hiervoor ‘weigeringsbriefjes’ ontwikkeld.
Geheimhoudingsplicht
De Wet Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) regelt de relatie tussen cliënt en zorgverlener. Een van de onderdelen is het recht van een cliënt op privacy en geheimhouding van de medische gegevens. (Algemene verordening gegevensbescherming AVG).
De Beroepscode voor Psychotherapeuten stelt: Bij het aangaan van de behandeling ontstaat er tussen de psychotherapeut en de cliënt een vertrouwensrelatie waarin een geheimhoudingsplicht jegens derden besloten ligt. (Zie III.1.1. Beroepscode). De psychotherapeut mag de zwijgplicht doorbreken wanneer:
- Er expliciete toestemming is van de cliënt door middel van een schriftelijke machtiging van cliënt aan de bedrijfsarts voor het opvragen van gegevens;
- Er expliciete toestemming is van de cliënt aan de psychotherapeut voor het verstrekken van de informatie;
- De bedrijfsarts aangeeft met welk doel de gegevens worden opgevraagd; welke gegevens er al zijn en welke aanvullende gegevens er nodig zijn van de psychotherapeut.
Welke informatie mag de psychotherapeut delen, met toestemming van de cliënt:
- Feitelijke informatie zonder conclusies of waardeoordelen, op schrift;
- Passend bij het doel van de vragende partij;
- Diagnose en datum start behandeling;
- Methode van behandeling.
Welke informatie mag de psychotherapeut niet delen:
- Ervaren problemen, symptomen, factoren die een rol spelen bij ontstaan problematiek;
- Uitspraken over prognose;
- Uitspraken over werkhervatting;
- Uitspraken over suïcidaliteit.
In de praktijk ontvangen psychotherapeuten vragen van bedrijfsartsen die niet beantwoord mogen of kunnen worden. Deels omdat de zwijgplicht dit verhindert, deels omdat de psychotherapeut geen deskundige is op het gebied van werkhervatting.